Linus + Frederik Leroux/Øyvind Skarbø

Bezetting: Ruben Machtelinckx (gitaren en banjo), Thomas Jillings (tenorsax,altklarinet en electronica), Frederik Leroux (gitaren en banjo), Øyvind Skarbø (drums)

Wanneer: zaterdag 18 april 2015
Locatie: Lokerse Jazzklub

 

Foto's: © Cedric Craps

 

Intrigerende melodieën en mysterieuze harmonieën

In een halve cirkel stonden ze op het podium van de Lokerse Jazzklub, het duo Linus met hun twee gasten. Daarmee maakten ze ook hun basisdemocratisch concept duidelijk, waarbij voor- en achtergrond in elkaar overvloeiden en inwisselbaar waren en de gasten deel werden van het universum dat Linus langzaam maar zeker ontplooide. Met zijn vieren speelden ze nummers van een bedrieglijke eenvoud met intrigerende melodieën en mysterieuze harmonieën.

Al van bij het openingsnummer ‘Finco’ werd duidelijk dat elektronica een aanzienlijk aandeel zou krijgen in de muziek. In ‘Down’ kregen we twee banjo’s te horen die op een bedje van zachte elektronica zwevend de ruimte indoken, waarbij Øyvind Skarbøhaast ongemerkt voor drijfkracht zorgde. Alle referenties naar hillbillymuziek die twee banjo’s zouden kunnen oproepen, werden zorgvuldig de kop ingedrukt.

Niet enkel de elektronica zorgde voor een surplus, ook natuurlijke geluidjes werden ingevoegd. Zo floot plots iemand een bijkomend melodietje mee, waardoor het leek of er een andere harmonie ontstond. Drummer Øyvind Skarbø slaagde er in het begin van de tweede set in om het duo Machtelinckx-Jillings ongevraagd te vervoegen door van uit het publiek met koffiekop, onderbordje en lepel een verrassende bijdrage te leveren. In deze samenstelling liet de groep zijn neiging om liefelijke melodieën te spelen balanceren met voldoende ruis en vreemde invalshoeken die het spannend hielden.

Aan de snaren toonden Ruben Machtelinckx en Frederik Leroux zich als een tweekoppig zachtaardig monster, waarbij ze hun spel op banjo, gitaar en baritongitaar op verbazende manier met elkaar lieten versmelten. Op altsax liet Thomas Jillings zijn typisch lichthees geluid horen. Op tenorsax speelde hij met veel lucht, zonder cliché te klinken. Øyvind Skarbø drumde steeds op zacht volume, maar klonk niet als een brave volger/veger. In het laatste nummer, nota bene ‘Caroline knows’ van de Beach Boys, dat nog nooit zo on-Californisch klonk, speelde hij waarschijnlijk de meest intieme drumsolo die er ooit gespeeld werd in de Lokerse Jazzklub.

Linus+Frederik Leroux/Øyvind Skarbø klonken nooit opdringerig, wel uitgebalanceerd en maakten op een niet-aanstellerige wijze behoorlijk wat indruk met hun ‘home made brew’ op kamertemperatuur.

 

Concertverslag is ook gepubliceerd op Jazz'halo.